22
aug
Inleiding op het debat met Klaas Hendrikse op XNoizz Flevofestival op vrijdag 21 augustus 2009

I.
Daar staat hij dan: de atheïstische dominee. De man die velen liever uit de kerk zien gaan dan erin blijven. Wat is deze man wat naar zijn hoofd gesmeten in de afgelopen twee jaar. Klaas zou een huichelaar zijn, een bedrieger, een ketter (dat zou je nog als een geuzennaam kunnen beschouwen), iemand die de kerk kapot maakt, iemand die mensen de kerk uit jaagt, een instrument van de duivel…

En Klaas, daar sta je dan tussen allemaal jonge mensen die hartstochtelijk geloven dat God wél bestaat (of zeg ik dan te veel? daar komen we straks in het gesprek wel achter). En op een festival waar het heel veel over God gaat en over geloven en over kerk. Misschien lopen ze hier ook wel rond, die mensen die jou huichelaar en bedrieger noemden…

Het vraagt dus moed: voor jou, Klaas, om hier te komen, je verhaal te vertellen, in gesprek te gaan. En ook voor jullie, om te luisteren naar een man die geen makkelijk verhaal heeft. Een man die aan de hekken van de kerk heeft gerammeld en ook kan schudden aan jouw geloofshuis. Want misschien zegt hij wel hardop wat jij diep vanbinnen ook wel eens voelt of denkt. Dan is het eng om te komen luisteren…

Mijn eerste conclusie is: we zitten hier met een tent vol moedige mensen en dat is mooi!

II.
Toen ik, begin 2007, de vooraankondiging van het boek van Klaas zag, was ik meteen nieuwsgierig. ‘Die durft!’, dacht ik: ‘in één adem ‘geloven in God’ en ‘een God die niet bestaat’. Dat moet interessant worden!’ En dat was het ook. Ik heb het boek meteen met ontzettend veel vreugde gelezen. Niet dat ik het overal mee eens was – dat vertel ik je zo wel – maar omdat ik het een heel gelovig en heel vrolijk boek vond.

Ik was daarom verbaasd toen ik de één na de ander boos zag worden op Klaas. Er werd en wordt gedreigd met uitzetten en afzetten en ik meende zelfs het woord ‘brandstapel’ te horen en mensen met bossen hout en lucifers in de weer te zien – maar dat weet ik niet zeker. En dat terwijl ikzelf zo vrolijk was geworden van het boek…

Want dit was wat ik Klaas hoorde zeggen: God is anders – helemaal anders dan wij, helemaal anders dan al die afgoden, God is zelfs zo anders dat je niet kunt zeggen dat hij bestaat. Afgoden bestaan en mensen bestaan en appeltaarten bestaan… maar God is anders; die bestaat niet. Als je dat op noten zet is het een loflied en ik was verbaasd dat niemand dat hoorde!

En ik hoorde Klaas ook dit zeggen: wie God niet ervaart in zijn dagelijkse leven, wie niet geraakt wordt en wie niet op pad gaat, die heeft niets van deze God begrepen. Als Mozes wil weten hoe God heet, krijgt hij geen naam, zegt Klaas, maar hij krijgt een reden waarom hij geen naam krijgt: ‘Ga maar, dán ga ik met je mee’. Als jij in vertrouwen op weg gaat, dan stuit je steeds weer op God.

Ik herkende daar de woorden van Jezus in die zegt: ‘Als je mijn woorden hoort en ze… doet – dan ben je een wijs mens, die zijn huis op een rots bouwt’. Horen én doen, zegt Jezus. Geloven én gaan, zegt Klaas hem na. Prachtig! Als je dit op goede toon voorleest is het een hele stichtelijke preek en ik was verbaasd dat niemand dat hoorde!

Mijn tweede conclusie is: Klaas zingt een lofzang op het anders-zijn van God en Klaas houdt een hele stichtelijke preek over vertrouwen en durf… maar veel mensen horen er wat anders in.

III.
Wat is er aan de hand? Waar wringt het? Ik kwam er achter dat het vooral wringt bij dat woordje ‘bestaan’. Gelovige mensen willen nog wel dat God anders is – daar is Hij tenslotte God voor -, maar hij moet wél bestaan. Want als God bestaat dan kun je over hem praten en nadenken, dan kun je er dikke boeken over schrijven, dan kun je hem lokaliseren: God is in de hemel of God is in de tempel, of God is in onze kerk. Of: God is meer bij ons dan bij jou. Of: God is in mijn hart (waarbij je stiekem denkt: en dus is wat ik zeg een beetje meer waar dan wat jij zegt). Een God die bestaat kunnen we gebruiken, kunnen we voor onze vrome karretjes spannen…

Klaas zegt – en ik ben het daar van harte mee eens -: dat is heidendom, dat is afgodendienst. De goden van de heidenen woonden op bergen en in tempels. Dat waren zichtbare of onzichtbare wezens met allerlei eigen-schappen. En dat waren vooral wezens die je te vriend moest zien te houden en voor wie je allemaal dingen wel of juist niet moest doen. De God waarover de profeten van het OT het hadden en ook de God waarover Jezus het had was precies op dat punt anders: die kun je niet zomaar aanwijzen, die heb je niet op zak en die kun je niet voor je karretje spannen…

Nee, daar gaat het over een God die je ontmoet in het leven zelf. Maar dat betekent ook dat dat een God is die je niet in de greep krijgt en die je niet op zak hebt. Dat is een God waarnaar je steeds weer op zoek bent. Lees de Psalmen maar: het gaat over zoeken, worstelen, verlangen. Ja, ook over vertrouwen en vreugde – maar geloven is nooit een stand van zaken en de God die daar ter sprake komt hebt je nooit op zak.

Klaas doet wat de profeten in het OT ook deden: ons wegroepen bij die afgoden (lees: godsbeelden). En nee, dat is niet leuk – dat doet pijn, daar balen vrome mensen van! Wij willen niet onze veilige godsbeelden verliezen, want dan verliezen we misschien ook wel onze bijzondere positie en onze greep op de dingen en ons gelijk.

Derde conclusie: Klaas is een profeet en moet zich schikken in zijn lot. Profeten worden gestenigd of verbrand!

IV.
En nu word ik persoonlijk: ooit geloofde ik zelf in (met de woorden van Klaas) zo’n ‘God die bestaat’. En omdat ik in zo’n God geloofde, wist ik dingen die andere mensen niet wisten. Want van een God die bestaat kun je heel veel weten, heel veel dingen heel zeker weten zelfs. Je kunt er een kathedraal van bouwen, een Kathedraal van Zeker Weten.

Je kunt dat allemaal weten omdat je gelooft dat God dat zelf allemaal verteld heeft in de bijbel. Hoe hij de aarde en de mensen heeft gemaakt (in 6 dagen). Wat er mis is met ons en met de wereld (zonde) en hoe dat weer opgelost kan worden (Jezus’ offerdood). En je kunt weten hoe het in de toekomst gaat, waar we heen gaan als we dood gaan (de hemel). Je weet ook wat wel goed is en niet en hoe je over allerlei dingen moet denken.

Allemensen, wat kun je dán veel weten. En wat heb je dan veel praatjes! En ik wist het en ik had praatjes! Maar toen gebeurde wat ik nooit had verwacht: ik ging twijfelen. Dat wilde ik helemaal niet, want ik had geleerd dat twijfelen slecht was. Maar wat ik ook deed: de twijfel werd alleen maar groter. Voor twijfel kies je niet, dat overkomt je! In dat enorme bouwwerk van mijn geloof – de Kathedraal van Zeker Weten – kwamen steeds meer scheuren… totdat het plotseling in puin lag! Totaal.

Al mijn ‘zeker weten’ was weg – ik snapte er helemaal niets meer van. Ik vond het christelijk geloofsconcept ronduit belachelijk. Ik vond de God van het christelijk geloof een rare, ongeloofwaardige God en vond veel christenen ook rare, ongeloofwaardige mensen – en ik was het zelf nota bene tot voor kort geweest.

Om een heel lang verhaal kort te maken (voor het langere verhaal moet je het eerste hoofdstuk van mijn boek Van de kaart lezen): ik ontdekte dat ik vreemd genoeg ondanks mijn twijfel niet ongelovig werd. Al mijn kennis, al mijn oordelen, al mijn dogma’s vielen weg… maar God niet. Vraag me niet hoe dat zit, want dan ga ik stotteren, maar ik bleef op God stuiten, ondanks al mijn vragen. En wat misschien nog veel bijzonderder was: ik bleef ook diep onder de indruk van Jezus en zijn boodschap van een betere wereld (‘Koninkrijk van God’ noemt hij dat). Ik bleek niet alleen een gepassioneerde twijfelaar te zijn, maar ook een zoekende gelovige en een fan van Jezus bovendien!

Ik ging begrijpen dat als ik God ging zien als een Wezen dat ik nodig heb, ik hem voor mijn koninkrijkjes in ga zetten: mijn gelijk, mijn kerk, mijn veiligheid. Maar geloven bleek andersom te gaan: de God van Jezus is een God die ons / mij nodig heeft. Met de woorden van Klaas: ‘zonder mensen is God nergens’. Als ik zo geloof dan ga ik anders leven. Dan ga ik mij inzetten voor het Koninkrijk dat zijn naam draagt en laat me aanspreken door Jezus die leerlingen zoekt…

Vierde conclusie is: mijn twijfel heeft me veel geloviger gemaakt! Daarom feliciteer ik van harte iedereen die twijfelt, die worstelt en die het allemaal niet meer zo zeker weet. Nu gaat het om jouw leven: durf jij te gaan, durf jij te vertrouwen, durf jij het Koninkrijk van God te zoeken?

V.
Ik ben wel eens de advocaat van Klaas Hendrikse genoemd. Ik zou het willen, dan kreeg ik er misschien voor betaald. Maar Klaas heeft geen advocaat nodig, zoals je hebt gehoord. Bovendien heb ook wel vragen aan Klaas trouwens. Ik noem er vandaag twee.

(1) Klaas, waarom ben je zo inconsequent? Als je zegt dat muziek geen kleur heeft, kun je van een psalm niet zeggen dat het ‘niet blauw’ is. Als je zegt dat het woordje ‘bestaan’ niet van toepassing is op God (omdat hij anders is), kun je dus ook niet zeggen dat hij ‘niet bestaat’ – dan moet je het woordje bestaan helemaal niet gebruiken, zelfs niet ontkennend.

Ik snap het wel: deze inconsequentie provoceert en prikkelt en daarmee kreeg je aandacht voor de boodschap die je – heel terecht – wilde vertel-len. Maar mijn vraag is nu, zomer 2009: waarom geef je niet gewoon toe, Klaas, dat je logisch inconsequent bent. Ik denk dat veel mensen inmiddels met meer bereidheid zouden luisteren naar je verhaal als je dat deed – bovendien je boek is al lang een succes (daar kan ik niet aan tippen)!

(2) Maar wat ik veel belangrijker vind is dit (en dat sluit ook aan bij de vraag die hij jullie stelde): hoe nu verder? Hoe nu te geloven? Hoe nu kerk zijn? Klaas zegt: gooi alles maar op een grote hoop en maak van de kerk een soort eetcafé waarin iedereen zijn eigen kostje eet (de één Jezus, de ander Boeddha, een derde Toon Tellegen). Ik zeg: prima, maar noem dat dan maar geen kerk. Want in de kerk gaat het over Jezus, al 2000 jaar lang.

Kunnen we niet proberen opnieuw kerk te zijn, zonder al die aangekoek-te ballast die jij terecht hekelt? Laten we nu - anno 2009 - eens opnieuw kijken naar wat er gebeurt als we Jezus’ woorden serieus nemen: ‘iedereen die mijn woorden hoort en ze doet… bouwt zijn huis op een rots’. Die woorden herhaalde jij op jouw manier. Kunnen we dat niet als voorlopig startpunt kiezen?

Jij en ik weten: wie die woorden van Jezus hoort en er theologie van bakt, bouwt een Kathedraal van Zeker Weten… en zo’n Kathedraal staat op drijfzand, zo weet ik uit ervaring. Laten we het gewoon gaan doen: mensen bevrijden, ons brood delen, elkaar vergeven, zorg dragen voor de kwetsbaren, de aarde eren. Niet meer bakkeleien of God nu wel of niet bestaat, maar eenvoudigweg zoeken naar het Koninkrijk van God – en dan eens kijken wat er gebeurt. Gewoon ernst maken met die oude woorden: ‘ga maar, dán ga ik met je mee!’ Kortom: gaan. Doen.

Beste Klaas en lieve mensen in de tent: hoe zou een kerk er dán uit zien?

Boele P. Ytsma
zoekendgeloven.nl

Hier vind je een overzicht van mijn eerdere blogs over Klaas Hendrikse. Ook in mijn boek wijd ik een hoofdstuk aan het gesprek met hem.

Vorige pagina
Onderwerpen:
Delen |

In real life ezine

Abonneer je op de maandelijkse
gratis eZine 'In Real Life'!
E-mail adres:
Voornaam:
 

Wie is...

Boele P. Ytsma is coach en schrijver, spreker en zwijger, verbinder en versneller, pionier en tochtgenoot, hardloper en planteneter, een luis in de pels van de gevestigde orde. Hij onderzoekt nieuwe werelden en legt verbindingen met oude. Een optimist met oog voor wat pessimisten de realiteit noemen! Deze blog is de opvolger van zijn populaire website Zoekend Geloven. Hij schrijft over wat hem boeit.

Contact met Boele P. Ytsma

Meer over Boele Ytsma

boek een lezing

Boele Ytsma is een gepassioneerd spreker die graag verrast en confronteert. Nodig hem uit voor een lezing of workshop over spiritualiteit of lifestyle!

"Altijd als ik voor een groep sta, merk ik hoeveel ik van mensen houd"

Meer informatie

De Planteneter

"Ik ben een planteneter. Geworden. Want tot voor kort was ik een alleseter..."

In een serie blogs vertel ik over mijn verandering van eet- en leefpatroon en waarom ik daar zo enthousiast over ben.

lees alle blogs

Boek van de week

Berthold Gunster, Ja maar, wat als alles lukt

"Een licht geschreven boek over een grote stap die je kunt maken in je leven: een leven zonder ja-maars. Je blijft lezen!"

"De persoonlijke verhalen en voorbeelden maken dat je gaat geloven dat het echt kan!"

"Onmisbaar voor wie zijn of haar leven wil veranderen"

meer aanbevolen

In Real Life

Jouw coach?

Boele Ytsma is een verrassende coach. Hij is werkelijk geïnteresseerd in jouw verhaal en leven en hij gelooft hartstochtelijk in de mogelijkheid van verandering. Boele ontwikkelde een eigen methodiek waarmee hij samen met jou feilloos kan ontdekken wáár in je leven verandering het hardst nodig is.

Lees meer over Boele Ytsma als coach of neem meteen contact met hem op!

 

Meer coaching

mijn boeken

In 2009 en 2010 schreef Boele Ytsma twee boeken over twijfel en geloven in de postmoderne tijd.

Het eerst boek (Van de kaart, manifest van een gepassioneerde twijfelaar) is het avontuur van de twijfelaar. Het leidde in kerkelijke kring tot veel gesprek, herkenning en weerwoord.

Bestel hier 'Van de Kaart'

Het tweede boek (Authentiek, de zoeker en het verlangen) is het verrassende vervolg en volgt de zoeker in haar tocht.

Bestel hier 'Authentiek'

Meer informatie

jubeljaar

In augustus 2010 besloot ik voor onbepaalde tijd mij terug te trekken van mijn werk en uit de media. Het zou een tijd van herstel en herbezinning worden, een Jubeljaar.

lees de blogs

marathon

16 oktober 2011 hoop ik de Marathon van Amsterdam te lopen. Op 'Onderweg naar mijn marathon' doe ik verslag van de vorderingen.

Volg de vorderingen
Boele P. Ytsma op Twitter

Twitter

Boele op twitter
© Copyright 2012 Boele P. Ytsma